Opinie wolven in Drenthe

Het lijkt me vreselijk als iemand zijn schapen dood of verwond op het veld aantreft. Of “vele Drenten en velen in het land” zijn die de verdrijving van de wolf uit Drenthe en Nederland ondersteunen, zoals de heer Zomer beweert kan ik niet onderbouwen. Ik ben dan ook niet zo gecharmeerd van de oproep tot het elimineren van een roofdier die na 1 ½ eeuw Drenthe heeft teruggevonden. Gemeld mag worden dat honden en vossen veel meer schade aanrichten. Ik zie soms dan ook grote honden, zoals rottweilers al rennend vee opjagen in een weiland. Ook in het bos maken loslopende honden slachtoffers onder reekalveren en ander klein wild. Verder wordt er soms ook melding gemaakt van aanvallen van honden, ook op kinderen.

Een wolf, net als een vos, marter of buizerd, dood een prooi om zich of hun jongen te voeren. Ongetwijfeld zal de heer Zomer met liefde zijn vee verzorgd hebben, maar mens is met zijn vleesindustrie en bio-industrie de grootste boosdoener van het doden van o.m. lammeren

Het is denk ik beter het advies van organisaties als Natuurmonumenten te volgen, die schapenhouders willen helpen met wolven werende rasters en het inschakelen van waakhonden. Ik hoop dan ook dat de overheid ruimhartig subsidies hiervoor verstrekt.  Zo krijgt de schaapskooi ‘Achter ’t Zaand’ zo’n hek, dat de schapen beschermd tegen wolven.

Een wolf doden is alleen legitiem als de wolf net als bij een hond bijvoorbeeld hondsdol is.

Verder is het afwachten hoe de wolf zich houdt en welk terrein een roedel in beslag neemt.

Geef de wolf een kans en maak ‘m niet direct tot een  boeman voor alle ellende met vee. Weer bogen om negatieve emoties en de jacht openen wekt bovendien de plezierjacht in de hand. Het voornemen van Europarlementariërs om de jacht op de wolf te open keur ik dan ook af.

Ik hoop dan ook dat Jette Kleinsma begrip heeft voor de voordelen van de wolf in onze habitat en de wolf nu ziet als een welkome aanvulling in ons mooie Drentse landschap.

Ronald Wilfred Jansen, Hoogeveen

Deel dit bericht!

Geef een antwoord