Opinie Vincent van Gogh als toeristische attractie in Drenthe

Vincent van Gogh blijft tot de verbeelding spreken. De tijdens zijn leven verguisde en getroebleerde kunstschilder oogstte na zijn dood enorme roem. Pas later ontdekte men dat hij zijn tijd vooruit was en zijn schilderijen miljoenen waard zijn. Er zijn zelfs kopjes in de handel in de winkel van het Van Gogh Museum in Amsterdam die zijn afgesneden oor verbeelden. In mijn ogen is dat respectloos en getuigt dat van een soort lijken pikken.
Ik verwacht als Vincent van Gogh hiervan wist hij zich in zijn graf zou omdraaien.

Hét museum over Van Gogh, zoals ze zich graag zien, moet geen prullenfabriek zijn.

  In voorbereiding op het Vincent van Gogh jaar verscheen in 2020 de publicatie Van Gogh, Erfgoedlocaties in Drenthe, een gezamenlijk project van het Drents Museum, Drents Archief en Het Drentse Landschap. Het Van Gogh Museum trad hierbij (ook) op als adviseur.

Op 11 september 2023 is het namelijk 140 jaar geleden dat Vincent van Gogh op het
station van Hoogeveen aankwam. Van hieruit begon hij zijn kunstenaarsavontuur in Drenthe.

  De publicatie is een initiatief om de locaties van Vincent van Gogh onder de aandacht te brengen van een groot publiek, waardoor Drenthe meer toeristen kan trekken, een ambitie die ook wordt verwoord in het artikel van Harald Buit in de Hoogeveensche Courant en DVHN.

De projectpublicatie is kleurrijk, met een beschrijving van locaties en bronvermelding.

  Een goed initiatief, want Vincents tijd in Drenthe was erg belangrijk voor zijn ontwikkeling als kunstenaar, ware het niet dat in het verslag een aantal weeffoutjes zijn ingeslopen. Zo staan er afbeeldingen dubbel in vermeld en wordt er straal aan argumenten voorbijgegaan die
pleiten voor het feit dat Vincent van Gogh de begraafplaats in Hollandscheveld heeft getekend en geschilderd. Het valt buiten het bestek van dit artikel al die onderbouwde argumenten te benoemen. Eén noem ik: in tegenstelling tot wat in het ongetwijfeld dure verslag staat was
de grond op de begraafplaats van Hollandscheveld niet “goed onderhouden”. Zo wijzen krantenadvertenties en verslagen uit die tijd op heide en schapen op deze begraafplaats. Voor details verwijs ik ondermeer naar de gedetailleerde en onderbouwde verslagen van Albert Metselaar, die al decennia lang als een soort kruisridder strijdt tegen geschiedvervalsing.

  Het verslag wekt bovendien de indruk dat er uitgebreid bodemkundig onderzoek is gedaan: dat is niet gebeurd: men heeft net als voorgangers vertrouwd op bestaand kaartmateriaal.

Een ander kritiekpunt is dat geen onderzoek is gedaan naar de authenticiteit van elementen, zoals balken en moppen in het Van Gogh Huis in Nieuw- Amsterdam en Hoogeveen. Dat is spijtig, want zo raken steeds meer authentieke fysieke sporen uit zicht of raken kwijt. Ook heeft de projectgroep geen nieuw, fris onderzoek gedaan in het stadsarchief van Hoogeveen.
Het verslag meldt ook sommige locaties niet die Vincent heeft bezocht, zoals het station in Echten en is van bepaalde locaties niet zeker dat Vincent die heeft bezocht, zoals in Zweeloo.

Zo is ook de huidige lindeboom achter het voormalige logement in Zweeloo jonger dan 1883.

  Helaas kregen enkele externe deskundigen/historici die als zodanig in het bronnenoverzicht van het projectverslag zijn genoemd niet de gelegenheid om het conceptverslag te controleren.
Dat is spijtig, omdat nu de indruk ontstaat door de bronvermelding dat iedereen het verslag volledig onderschrijft, maar in feite de finishing touch ontbreekt en het projectteamverslag niet volledig voldoet aan zijn doelstelling om Van Gogh “professioneel en duurzaam”op de kaart te zetten. Leidinggevenden zijn van dit projectverslag vervangen door anderen.

  Dat de beeldvorming over Vincent van Gogh in Drenthe hardnekkig is blijkt uit diverse publicaties. Zo las ik op 9 mei 2010 en ook heden op het informatiebord van het Van Gogh Huis in Veenoord/Nieuw- Amsterdam: “als uitvalsbasis voor zijn inspirerende tochten door het Drentse landschap koos Vincent van Gogh voor het logement van Hendrik Scholte in Nieuw-Amsterdam.” Vincent van Gogh arriveerde echter eerst in Hoogeveen, waar hij op 11 september 1883 aankwam op het treinstation en van hieruit zijn Drentse tochten  ondernam. Ook in het verleden is objectief onderzoek naar Vincent van Gogh in Drenthe gefrustreerd door eigen belangen van gemeenten, auteurs, het Van Gogh Museum in Nieuw- Amsterdam met hieraan verbonden subsidieaanvragen en het preken voor eigen parochie om klandizie te trekken. Hierdoor ontstaat er een eeuwigdurende welles nietes discussie die ons beeld op het erfgoed van Vincent van Gogh doet vertroebelen. Opnieuw bestaat het risico dat op grond van niet volledig onderzoek de ‘toerist’ op de tentoonstelling in het Drents Museum, in de film
en overige activiteiten (deels), zoals “spraakmakende” theaterstukken (deels) op het verkeerde been wordt gezet met een mooi verhaal, alleen maar om bezoekers en toeristen te trekken. Vincent van Gogh verdient echter het ware verhaal, wat meer is dan een reclamepraatje. In dat licht bezien pleit ik voor een nieuw onderzoek waarin alle experts volledig betrokken worden, niet alleen in het voortraject, maar ook in de afronding en het onderste uit de kast wordt gehaald om het resterende erfgoed van Vincent van Gogh in Drenthe veilig te stellen.

Ronald Wilfred Jansen, Hoogeveen

Deel dit bericht!

Geef een antwoord