Opinie: De rommelzolder van Hoogeveen

Gefeliciteerd met het nieuwe boek over de familie Rahder, die een belangrijke rol hebben gespeeld in de geschiedenis van Hoogeveen. De hutkoffer met belangrijke archiefmateriaal (foto’s en documenten volgens opgave van Peter Voerman in de Hoogeveensche Courant) dat aan de basis ligt van dit boek is de meest recente vondst aangaande het erfgoed in Hoogeveen richting het publiek medegedeeld door de Hoogeveensche Courant.

Ik hoop dat dit archiefmateriaal een vaste plek vindt in een professionele instelling, zodat ook andere geïnteresseerden en historici hiervan kennis kunnen nemen. Het is niet genoeg dat alleen het boek overleefd. Voor afdoende studies moet men zich op primaire bronnen baseren. Volgens de samenstellers schonk Rahder aandacht aan gezondheid van hun medewerkers. Een interessant onderwerp zou desalniettemin zijn kinderarbeid in de veenderij. Ook zou het treinstation van Hoogeveen er zijn gekomen dankzij het turfvervoer, aldus Kees Opmeer. Het treinstation was er echter al in 1870, toen het hoogtepunt van de veenderij voorbij was. De familie Rahder hield zich ook met andere nijverheidstakken bezig zoals de steen industrie.

Het erfgoed in bewaring gegeven in Hoogeveen houdt een zeer groot risico in mijn inziens. Behalve foto’s en documenten valt hierbij te denken aan o.m. kunst- en gebruiksvoorwerpen.

Zoekraken heb ik ondervonden. Zo zwierf ik als kleine jongen rond in het oude ziekenhuis Bethesda aan de Schutstraat. Hier nam ik de sleutels mee die nog hingen in de groene deuren. Deze leverde ik in bij het toenmalige museum in Hoogeveen. Ik was toen nog naïef en meende met deze gift een positief gebaar gemaakt te hebben. Reeds een aantal malen heb ik gevraagd aan de Verhalenwerf waar die sleutelbos is en of men er nog iets mee wil doen. Helaas geen antwoord en dat vind ik fnuikend richting mensen zoals ik die giften hebben gedaan. Ik vind het pijnlijk om te beseffen dat ik deze sleutelbos beter had kunnen bewaren. Plat gezegd voel ik me belazerd door een locale overheid die zich als kunstminnend voordoet.

Reeds eerder zijn er belangrijke erfgoedvondsten gedaan in Hoogeveen, waarbij bij mij de indruk is ontstaan dat het zicht op veel materiaal goeddeels verloren is gegaan. Een kleine greep. In 1953: houten riolering gevonden op de plek van een 150 jaar oude boerderij. In 1974: een prehistorische bijl. In 1978: vliegtuig wrak met luchtschroef én mitrailleur uit WO-II,  museumgift: kerkboek met zilverbeslag, tafel 19e eeuw met inlegwerk, oud aardewerk en prentbriefkaarten. In 1980: nieuwe archeologische vondsten, oude tegels en pronkkamers.

In dat jaar verhaald het museum trots over de ganzenroer. In 1994 vond een inwoner van Hoogeveen een vuursteensculptuur van een Neanderthaler. In 2019: inwoonster van Hoogeveen redde twee glazen kunstwerken uit het schoolgebouw aan de Griendtsveenweg. Dan heb ik het nog niet over allerlei dure sieraden en zilverwerk. Ligt het nog in een depot ?

Ik adviseer mensen die belangrijke erfgoedmateriaal in huis hebben eerst contact op te nemen met de streekhistorici bij uitstek Albert Metselaar en Marga Zwiggelaar die zich baseren op gedegen, objectief geschiedkundig onderzoek en geen blad voor de mond nemen. Zo nodig schakel een professionele, betrouwbare instelling in voor bewaring: volgens mij zijn dat nu het Drents Archief/Museum. Helaas ontbreekt een van locaal belang zijde streekmuseum in Hoogeveen. Ook geef ik in overweging te kijken of op de stoffige zolders en elders nog belangrijk materiaal ligt. Hobbyclubs en commerciële publieksorganisaties zoals de Historische Kring Hoogeveen, De Verhalenwerf en de Bibliotheek Hoogeveen gaan gebukt onder persoonlijke grillen, marktdenken en gelegenheidsspelletjes en hebben onvoldoende kennis en kunde in huis en bieden onvoldoende continuïteit in de collectievorming.

Dat geldt ook voor de gemeente Hoogeveen die ons erfgoed wil verkopen. Er is al veel verloren. Laten we zuinig zijn met wat er nog rest aan erfgoed in Hoogeveen!

Ronald Wilfred Jansen, Hoogeveen

Deel dit bericht!

Geef een reactie