Gemeente Hoogeveen laat 2020 aub eerwaardig beginnen!

Nu 2019 bijna achter ons ligt en de jaren 20 hun schaduw reeds vooruit werpen ontkom ik niet aan een terugblik. In mijn beleving geen terugblik die veel reden tot blijdschap geeft. Ziekenhuis (vrijwel helemaal) weg, vele tonnen uitgegeven aan de ijsbaan/zwembad afgang, een gemeenteraad zonder werkelijke ruggengraat, een college van B&W dat via een ingezonden brief zijn gelijk wil halen in conflicten met twee zorgverlenende instanties. Geen palmares om trots op te zijn.

Door Frits Kappers


En denk nou niet dat er iets is geleerd. Er zijn al weer grootse plannen. Groots én duur. Genaamd Cultuurhuis. Ingewijden melden mij dat er aan voorbereidende kosten al gauw een kwart miljoen euro kan worden genoteerd. En dan heb je nog helemaal niks.

Wat het college niet aanstaat wordt doodsimpel weggezet. De Rekenkamercommissie die een vernietigend rapport schreef werd een te korte bocht verweten, de ondernemers in de Tamboerpassage die vinden dat er niet fatsoenlijk met hen over hun toekomst is overlegd, kramen onzin uit en deze week kwam dan het onbetwiste hoogtepunt: Hoogeveen gaat vier huizen bouwen om te “voorkomen dat de bevolking gaat denken dat je met media-aandacht plannen kunt dwarsbomen.” Youp van ’t Hek had gelijk. Er moet hier iets in het drinkwater zitten dat slecht is voor de hersenen. Zeker van de beleidsmakers en bestuurders.

Nog niet zo lang geleden liet Burgemeester Loohuis weten dat het aso-azc in Hoogeveen zou worden gesloten. Hij zei er niet bij dat we er nog erger gespuis voor terugkrijgen. Ze mogen het terrein niet af, maar van staats Ankie Broekers-Knol mogen ze ook niet worden opgesloten. Dan zullen de bewakers ook wel nietgewzpend zijn en als ze dat wel zijn mogen ze vast niet schieten. Drie keer raden hoe blij de ondernemers in de Weide hiermee zullen zijn.

De jaren 20 zullen roerig beginnen. Hoogeveen eert een burgemeester die bloedspatten aan zijn handen heeft gekregen toen hij op 16 mei 1940 de adressen van alle Joodse inwoners op 1e verzoek aan de illegale machthebbers ter hand stelde. Nederland had weliswaar gecapituleerd maar de Duitsers hadden zichzelf nog niet van formeel gezag voorzien. Burgemeester Tjalma was, voor zover bekend, de eerste in ons land die deze service aan de vijand leverde.

Uit diverse documenten blijkt dat Tjalma een autoritaire solist was. De oorlog duurde niet lang genoeg om zijn ruilverkavelingsplannen – die tot deportatie van diverse gezinnen zouden hebben geleid – ten uitvoer te brengen. Hij beijverde zich aan het eind van de oorlog voor arbeidsinzet in Duitsland. Tegen het Nederlands Instituut voor Oorlogsdocumentatie loog hij naar verluidt dat in Hoogeveen niets van waarde aanwezig was voor het NIOD. Zijn eigen archief hield hij angstvallig verborgen.

Wat de man voor Hoogeveen heeft betekent dat hij (bij leven nota bene) werd vernoemd met een park en werd geëerd met het ereburgerschap van de gemeente is niet bekend. Eer bewijs je aan iemand die eer heeft verdiend. Het is aan de gemeente Hoogeveen om 75 jaar na de bevrijding duidelijk te maken waarom een man met verantwoordelijkheid voor de dood van onze Joodse plaatsgenoten (die wij nu met Stolpersteine gedenken) zoveel eer verdient. Het is aan de gemeenteraad om deze duidelijkheid te verlangen en een onderzoek te eisen teneinde een oordeel te kunnen vellen. Het kan toch niet dat Tjalma zonder diepgravend onderzoek verder geëerd wordt, terwijl we met een lichtmonument en Stolpersteine onder meer de gevolgen van zijn handelen op 16 mei 1940 gedenken?

2019 was voor Hoogeveen geen jaar om trots op te zijn, laat 2020 op bestuurlijk gebied daarom alsjeblieft eerwaardig beginnen.

Deel dit bericht!

Geef een reactie